Baby en Peuter

Maakt u zich zorgen over uw baby of peuter?

Kind van één jaar

De meeste ouders maken zich wel eens zorgen over hun baby of jonge kind. Het kindje lijkt wat achter te lopen bij leeftijdgenoten, de taalontwikkeling blijft achter, het is vaak erg boos of opstandig, het lijkt afwezig of maakt geen goed contact met de ouders of andere kinderen, of het is heel druk en luistert niet. Ouders hebben over het algemeen een goed inzicht in het functioneren van hun kind. Wanneer ouders zich zorgen maken over hun kind, dan moet dit altijd serieus genomen worden. Uit eigen onderzoek blijkt helaas dat dit vaak niet gebeurt. Familie of kennissen die zeggen dat er niets aan de hand is of dat er geen reden voor zorg is: het gaat vast vanzelf wel over… Of professionele hulpverleners die de zorgen van ouders niet altijd even serieus nemen. Er zijn genoeg “overbezorgde ouders” (meestal moeders) die achteraf gelijk kregen. Probleem is dat dan maanden tot jaren verloren zijn waarin aan het probleem gewerkt had kunnen worden.

Zekerheid over uw kind

De meeste ouders hebben een goed beeld van het functioneren van hun kind. Bijvoorbeeld of het kind achter lijkt te lopen of anders lijkt dan leeftijdgenoten. De vraag is echter hoe ernstig de achterstand of het afwijkend gedrag is, of het vanzelf over gaat of niet, of zo mogelijk nog kan verergeren. Kinderen zijn voortdurend in ontwikkeling. Dat geldt voor hun motorische, verstandelijke, sociale en emotionele vaardigheden en gedrag. Elk kind volgt daarbij een eigen traject: het ene kind is sneller met lopen en grove motoriek, het ander met de taal, een ander is heel goed met puzzeltjes. Uiteindelijk komen de meeste kinderen voor alle belangrijke vaardigheden op een goed niveau uit, waarmee ze als volwassene op eigen benen kunnen staan. De ontwikkeling gaat soms ook met sprongen: een kind kan een tijd lang stil lijken te staan in bepaalde ontwikkelingsdomeinen, en dan is er opeens weer een spurt vooruit. Bijvoorbeeld bij het leren lopen of het gaan praten. Sociaal-emotioneel gaan kinderen ook door verschillende fasen, die soms heftig kunnen zijn. Denk hierbij aan de “peuterpuberteit”: heel normaal tussen 18 en 30 maanden, maar op een bepaalde leeftijd moet het kind wel in staat zijn om zijn/haar frustraties onder controle te houden.

Het belang van duidelijkheid

Duidelijkheid over de ontwikkeling van je jonge kind kan rust scheppen als er niets ernstigs aan de hand is. Als er wel een probleem is, dan kan er gekeken worden wat eraan gedaan kan worden. Wat is precies de kern van het probleem? Gaat het om een algemene achterstand, of gaat het om specieke ontwikkelingsdomeinen, zoals taal, motoriek, aandacht, contact met anderen, specifieke gedragingen? Zijn er aanwijzingen voor autisme of ADHD? Wat zijn de meest beperkende factoren die een goede ontwikkeling in de weg staan? Door de belangrijkste problemen in kaart te brengen kan gekeken worden hoe deze problemen het beste aangepakt kunnen worden. De ouder krijgt uitleg over het probleem en advies over hoe hiermee in het dagelijks leven om te gaan. Mogelijk moet het kind met sommige zaken ontzien worden, of juist gestimuleerd. Er zijn allerlei aspecten van de ontwikkeling van jonge kinderen die de ouders zelf kunnen aanpakken. Daarnaast kan er verwezen worden naar allerlei vormen van ondersteuning of ontwikkelingsinterventie. Het onderzoeksrapport geeft duidelijk advies over de stappen die ondernomen kunnen worden om uw kind vooruit te helpen. Doel zal altijd zijn om een zo harmonisch mogelijke ontwikkeling te bevorderen, die het mogelijk zal maken voor uw kind om op vier jaar naar het regulier basisonderwijs te kunnen.

Kortom

Door gedegen onderzoek wordt de aard en ernst van het ontwikkelingsprobleem van uw kind in kaart gebracht, evenals de factoren die de ontwikkeling van het kind het meest belemmeren. Van daaruit wordt een advies gegeven over hoe de problemen het best aangepakt kunnen worden.

Hoe ga ik te werk?

  • In een intakegesprek brengen we eerst in kaart hoe uw kind functioneert in de verschillende ontwikkelingsdomeinen, en waar u zich zorgen over maakt. Hoe is het ontwikkelingsverloop gegaan? Zijn er mogelijke oorzaken voor het probleem? Waar vindt u dat vooral aan gewerkt zou moeten worden bij uw kind?
  • Vervolgens worden met een aantal testen en een spelobservatie het ontwikkelingsniveau en de verschillende ontwikkelingsdomeinen van het kind in kaart gebracht, evenals mogelijke problemen op het gebied van temperament, aandacht, gedrag of de sociaal-emotionele ontwikkeling. Daarnaast moet u als ouder meestal een aantal vragenlijsten invullen over uw kind. Alle gegevens worden verwerkt in een begrijpelijk rapport, dat een totaalbeeld moet geven van uw kind.
  • Aan de hand van het totaalbeeld wordt gekeken wat de belangrijkste problemen van uw kind zijn waar aan gewerkt zou moeten worden en waar mogelijkheden liggen om die problemen aan te pakken. In het rapport wordt vervolgens een zo goed mogelijk advies gegeven voor de begeleiding en ondersteuning van uw kind en zo nodig voorstellen voor de meest zinvolle interventies.
  • Omdat de toekomst van jonge kinderen nooit met volledige zekerheid te voorspellen valt, kunt u rekenen op een vervolgtraject. Als u dat goed vindt, dan neem ik op verschillende tijdstippen na het onderzoek kosteloos contact op om te horen hoe het inmiddels gaat met uw kind. Ik kan u dan nader adviseren en leer ook weer van uw ervaringen.

Wat kunt u met het onderzoeksrapport?

Het onderzoeksrapport beantwoordt de vraag of uw kind een ontwikkelingsprobleem heeft of niet en wat de ernst en de aard van het probleem is. Het rapport geeft een totaalbeeld van uw kind: waar liggen de zwakke punten en ook de sterke punten van uw kind? Het rapport geeft aan waar de belangrijkse belemmeringen liggen die een goede ontwikkeling verhinderen en hoe deze het beste aangepakt kunnen worden. Wat kunt u zelf als ouder doen om de ontwikkeling van uw kind te bevorderen? Ook kunt u het rapport gebruiken voor een gerichte verwijzing naar bijvoorbeeld een kinderarts of kinderpsychiater of klinisch geneticus.

Wat kost het onderzoek?

Het tarief bedraagt € 85,00 per uur, conform de richtlijnen van het Nederlands Instituut van Psychologen (NIP). Bij het intakegesprek (kostenloos) zal een realistische schatting worden gemaakt van de kosten van het onderzoek en kan een maximumbedrag afgesproken worden. Vervolgens bepaalt u vrijblijvend en in alle rust of u uw kind wil laten onderzoeken.

 

Cursus voor professionals in de kinderopvang:

herkennen van ontwikkelingsproblemen bij jonge kinderen in de opvang

Kinderdagverblijven kunnen een belangrijke rol spelen in de vroege onderkenning van ontwikkelingsproblemen. Daarmee wordt het mogelijk om vroegtijdig interventies te starten die de ontwikkeling van het kind in de goede richting sturen en om verergering van problemen te voorkomen. In deze cursus wordt aan medewerkers geleerd hoe ze door middel van spelobservaties kunnen vaststellen of er een mogelijk ontwikkelingsprobleem is. De cursus is een waardevolle investering in de vakbekwaamheid van de medewerkers en in de kwaliteit van de zorg voor de kinderen die aan het kinderdagverblijf worden toevertrouwd. De cursus is praktijkgericht en wordt door medewerkers als leuk en leerzaam ervaren.

Medewerkers in een kinderdagverblijf zijn vaak de eersten die zien dat er iets niet klopt in de ontwikkeling van een kind. Het kind speelt misschien weinig of niet, of op een andere manier dan andere kinderen. Of het praat veel minder dan zijn of haar leeftijdgenootjes. Wat doe je dan? Je wil niet onnodig alarm slaan, maar een mogelijk probleem negeren is niet in het belang van het kind. Een eerste stap is om meer inzicht te krijgen in het ontwikkelingsniveau van het kind. Wat is normaal voor een kind van die leeftijd en wanneer is er sprake van een afwijkende ontwikkeling? Hoe kun je zien dat er een (serieus) probleem is? Hoe bespreek je dit met je collega’s en de leiding van het kinderdagverblijf? Wanneer en hoe kaart je een mogelijk probleem aan met ouders of professionals in de jeugdzorg? Dit zijn een aantal van de vragen die in deze praktijkgerichte cursus aan bod komen.

Spelobservatie als signaleringsmethode

Een normaal kind ontwikkelt zich snel in de periode tot vijf jaar. Daarom moet je op elke leeftijd weer op andere gedragingen en vaardigheden letten. Een goede methode is om te kijken hoe jonge kinderen met bepaalde soorten speelgoed omgaan. Bijvoorbeeld: hoe speelt een kind met een theeserviesje, of met een setje blokken of poppen? In de meeste gevallen kun je in vijf minuten al zien of er iets niet klopt. Wij hebben meer dan honderd kinderen van 9 maanden tot vijf jaar gevolgd in hun spel met diverse setjes speelgoed. Uit dat onderzoek is gebleken dat het observeren van het spel een betrouwbaar inzicht kan geven in de ontwikkelingsniveau van een kind en de latere ontwikkeling kan voorspellen. De methode van spelobservatie kan gemakkelijk aangeleerd en toegepast worden door medewerkers van kinderdagverblijven om kinderen met een mogelijk ontwikkelingsprobleem tijdig te signaleren. In de cursus wordt aan medewerkers geleerd hoe ze de spelobservatie kunnen gebruiken om te kijken of er een probleem is met een kind.

Inhoud cursus

Na een inleiding over de normale ontwikkeling van kinderen tot vijf jaar worden de verschillende problemen besproken die je op jonge leeftijd kunt tegenkomen. Daarna wordt de methode van de spelobservatie uitgelegd en geoefend op videomateriaal van kinderen met een normale of afwijkende ontwikkeling. Waaraan kun je op verschillende leeftijden zien of een kind achter loopt of een ander probleem heeft? Ook kunnen kinderen die opvallen in de groep besproken worden (met toestemming van de ouders). Vervolgens wordt besproken wat je verder doet met de uitkomsten van de spelobservatie. Tevens wordt besproken hoe verder te handelen wanneer een kind een mogelijk ontwikkelingsprobleem heeft: hoe bespreek je het binnen het team, hoe kaart je het aan met de ouders? Wanneer is het wenselijk om professionals in de jeugdzorg erbij te halen? Wat kun je op het kinderdagverblijf doen om de ontwikkeling van kinderen met een achterstand te bevorderen?

De cursus wordt gegeven aan groepen van vijf tot acht medewerkers op twee halve dagen van elk vier uur. De cursus is sterk praktijkgericht, met degelijke theoretische onderbouwing. Theorie en praktijk worden ondersteund middels een syllabus, die ook normgegevens voor de spelobservatie bevat. De cursus kan ook op locatie gegeven worden. Voor meer informatie kunt u contact opnemen met Ger Ramakers via email of telefoon.

Delen/Bookmark

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *